Onze Entlebucher Sennenhonden zien zich als de trouwste kameraden van
gezinnen, zowel bij een opa en oma waar zowel de "oudjes" alsook de kinderen
en kleinkinderen van de hond genieten. Bij gezinnen met zeer jonge kinderen.
Bij weduwe en weduwnaren waar ze de beste makker zijn en gezelschap in huis
brengen. Deze gaan dan ook overal mee naar toe en attenderen de oudere op
bezoek. Bij jonge stellen, bij overdrukke kinderen, waarop deze hond een
bewezen positieve uitwerking heeft, bij gehandicapten waar deze bv. leert
dingen voor de baas op te pakken als deze wat laat vallen.
Het is fantastisch om te zien hoe de hond zich aanpast aan de
gezinssituatie. Dit bewijst zijn intelligentie. Honden bij de ouderen en bij
hele kleine kinderen zijn over het algemeen wat rustiger. Daarentegen zijn
de honden welke bij schoolkinderen wonen wat drukker en kennen van alles en
nog wat. Het ene kunstje na het andere zoals bv. apporteren, iets dragen of
halen, rollen, en allerlei andere dingen, welke hen niet aangeboren zijn,
zijn ze aangeleerd. Honden welke veel ruimte hebben zijn over het algemeen
waakzamer dan honden die in de stad wonen. Honden die overal mee naar toe
gaan zullen veel minder wantrouwend jegens vreemden zijn dan de honden die
veelal op het eigen erf verblijven. Dus onder invloed van waar de hond
woont, met wie de hond woont, wat er mee gedaan wordt, wat er van hem
verwacht wordt, hoe deze wordt opgevoed, ontwikkelt er zich een eigen
individueel, aan het gezin en de baas aangepast, karakter.
Zo kan het dus ook zijn dat je twee zussen of
broers ziet, de ene heel rustig en netjes meelopend met de baas, nergens
op reagerend en de andere druk, reagerend op spelende kinderen en van
alles en nog wat en mee willen doen. Mensen reageren dan met de
opmerking hoe kan dat nu. De ene zo rustig de andere zo druk. Dat is
simpel te verklaren. De ene leeft samen met oudere rustige personen en
gaat uren met hen wandelen. De andere is uren in de weer met de
kinderen. Ballen gooien, kunstjes doen. Kinderen zijn nu eenmaal altijd
drukker dan oudere en de hond past zich aan. De bij de kinderen wonende
hond wil dus mee doen, dit gebeurt thuis ook.
Heel de dag spelen met de
kinderen. Rustig blijven zitten en niet mee mogen doen, is een moeilijke
opdracht voor deze hond.
Hiermede hebben onze entlebuchers door de jaren
heen aangetoond dat ze, met een correcte opvoeding, geschikt zijn voor,
en zich kunnen aanpassen aan vrijwel iedere gezins- en woonsituatie.
Onze honden wonen: * Bij opa's en oma's ; * Bij weduwe en weduwnaars ; *
Bij jonge (werkende) stellen ; * Bij gezinnen met kinderen in alle
leeftijdscategorieën, baby's, peuters, kleuters, schoolgaande kinderen,
tieners; * Bij gehandicapten ; * Bij "moeilijkere" kinderen ; Heel
achteraf tegen het bos ; Aan de zee ; Op boten ; Op boerderijen ; In de
stad ; In winkelcentra ; In dorpen. Wij hebben door de jaren heen,
iedereen altijd over een gelijke kam gescheerd, en als wij er van
overtuigd waren dat "onze" hond goed terecht zou komen, kwam iedereen
ongeacht een handicap, groot of klein, ongeacht rang en stand
voor een hond in aanmerking. Daarom kunnen we na
jaren ook gewoon simpelweg concluderen dat een Entlebucher in staat is
zich overal aan aan te passen en zich op voortreffelijk wijze een zeer
geliefd plaatsje weet te veroveren binnen de woonsituatie.
Kortom de zeer opmerkzame entlebucher sennenhond, ze letten op alles, ze
leveren bewijzen dat ze zeer intelligent zijn, ze zijn vrolijk en beweeglijk
van aard, ze zijn aanhankelijk, ze passen zich makkelijk aan iedere situatie
aan, heeft bewezen een uiterts prettig vriendelijk en zeer aanhankelijk
gezinslid te zijn vol liefde en trouw welke er geen slinkse streken op
nahoudt.
Oeroude eigenschappen
Zijn vaardigheid in het opzoeken en melden van afgedwaald vee, het bewaken
van voorwerpen, zijn enorme trouw, zijn vrolijke opgewekte, open en
energieke karakter zonder enige achterdocht zijn belangrijke, oeroud
vererfde eigenschappen.
Wat betreft gedrag en karakter moet de huidige
Entlebucher Sennenhund nog steeds de volgende kenmerken hebben;
In karakter eerder goedmoedig dan boosaardig, maar desondanks een
onomkoopbare waker voor huis en haard.
Aanhankelijk, zoals men dat niet beter kan vinden.
Zonder bravoure, maar met overtuiging zal hij in noodgevallen zijn baas
of diens gezin verdedigen. Hij jaagt niet, laat de katten en kippen met
rust en struint niet rond.
Hij is leergierig en zijn training vraagt gewoonlijk weinig moeite.
Populariteit
Aan al deze eigenschappen heeft hij het te danken dat hij ook nu nog, net
als eeuwen geleden, zeer gewaardeerd wordt. Niet alleen bij boeren, maar ook
bij andere hondenliefhebbers geniet hij populariteit.
Deze attractieve driekleurige hond heeft zijn
liefhebbers gevonden en kan zich, ondanks een beperkt bestand, verheugen
in een toenemende populariteit als familiehond.
Instinctief weten Entlebucher Sennenhonden al heel snel waar de grenzen van
hun territorium liggen. Nadert een onbekende of iets onbekends, dan zullen
ze dat door geblaf duidelijk maken. Vreemden worden afwachtend tot aan huis
begeleid om te zien hoe de baas of de vrouw dan met de 'vreemde' omgaat. Bij
nagenoeg alle Entlebucher Sennenhonden zien we ook een sterke neiging om
voorwerpen of het bezit van hun baas te bewaken en waar nodig te verdedigen.
Entlebucher Sennenhonden zijn graag buiten, maar dan wel met de baas!!
Opvoeden
Als in de oude berichten wordt vermeld dat de Entlebucher
Sennenhond de 'katten en kippen met rust laat en niet jaagt', moet in
moderne omstandigheden bedacht worden dat een boerenhond dergelijk ongewenst
gedrag reeds als pup afleerde. Aangezien dergelijke 'leersituaties' in de
stad ontbreken, moet de huidige eigenaar zijn jonge Entlebucher bijbrengen
wat er van hem verwacht wordt. Geen enkele hond voedt zichzelf op naar onze
maatstaven; ook de intelligente Entlebucher niet.
Dat wil zeggen dat hij, als hij niet opgevoed
wordt, zelf zal gaan uitproberen wat hij wel en niet plezierig vindt. En
dat zijn beslist andere dingen dan die wij hem zouden leren! Het is
daarom goed met de Entlebucherpup naar de puppytraining te gaan. Ook de
verdere gedrags- en gehoorzaamstrainingen zijn belangrijk. Hij leert bij
een zorgvuldige opvoeding en training goed luisteren en netjes, zonder
aan de riem te trekken, mee te lopen. Omdat hij van oorsprong een
werkhond is, vindt hij het heerlijk om samen met de baas bezig te zijn.
Het maakt hem niet uit wat er gedaan wordt, als het maar leuk en
afwisselend is.
Vervangend werk
Opmerkelijk is namelijk de grote werkwilligheid van de Entlebucher
Sennenhond. Alles wat hij samen met z'n baas of bazin kan ondernemen doet
hij graag, of dat nu behendigheid is, iets apporteren of iets zoeken.
Er kan niet genoeg benadrukt worden hoe belangrijk
het voor de vroegere hof-, drijf- en trekhond is om vervangend werk te
krijgen voor de verloren gegane taken van vroeger. Dit kunnen kleine
dingen in het dagelijkse leven zijn zoals wandelen, joggen, zwemmen en
fietsen met de hond. Maar het kan ook een training zijn, b.v. gedrag en
gehoorzaamheid, behendigheid of flyball. Deze activiteiten worden vaak
allemaal aangeboden door plaatselijke kynologenclubs.
De goed opgevoede Entlebucher Sennenhond is geschikt voor elke vorm van
africhting en kan daarbij tot grote prestaties komen.
Kunt u dat uw hond bieden, dan zult u met uw Entlebucher Sennenhond tot
prima resultaten komen en er veel plezier aan beleven.
RASSTANDAARD
De standaard
Raspunten zijn bijzonder belangrijk; ze geven
namelijk aan hoe een vertegenwoordiger van een bepaald ras er uit moet
zien en hoe zijn aard en eigenschappen zijn. Aan de hand van de
raspunten worden op tentoonstellingen de keuringen verricht door
officiële keurmeesters.
De Entlebucher Sennenhond is de kleinste van de vier
Zwitserse Sennenhonden. De andere drie zijn de Berner Sennenhond, de
Appenzeller Sennenhond en de Grote Zwitserse Sennenhond. De Sennenhonden
("sennen" = boerderij of sennenhut) ontwikkelden zich in Zwitserland waar
zij gebruikt werden voor allerlei arbeid op het land.
De Entlebucher Sennenhond komt oorspronkelijk uit het
Entlebuch, een dal in de kantons Luzern en Bern. De eerste beschrijving
ervan onder de naam “Entlibucherhund” stamt uit 1889. Maar nog gedurende
geruime tijd daarna wordt er eigenlijk geen onderscheid gemaakt tussen een
Appenzeller en een Entlebucher.
De Entlebucher Sennenhond was echter bijna
uitgestorven en in 1912 trof men nog slechts enkele exemplaren van dit ras
aan.
In 1913 worden op de hondententoonstelling in Langenthal 4 exemplaren van
deze kleine drijfhond met korte staart aan Prof. Heim, de grote beschermer
van de Zwitserse Sennenhondenrassen, voorgesteld. Op basis van keurverslagen
worden zij als vierde Sennenhondenras in het Schweizerisches Hundestammbuch
(SHSB) ingeschreven. De eerste standaard werd echter pas in 1927 opgesteld.
Tegenwoordig neemt het ras weer toe in populariteit. Deze attractieve
driekleurige hond heeft zijn liefhebbers gevonden.
Gebruik:
·Nu vooral als gezinshond.
Algemeen beeld:
·Net middelgrote, compact gebouwde hond, iets langer dan
hoog. Driekleurig zoals alle Sennenhonden. Opgewekte, schrandere en
vriendelijke gelaatsuitdrukking.
Gedrag en karakter:
·Levendig, temperamentvol, zelfverzekerd en onbevreesd;
tegenover bekenden goedmoedig en aanhankelijk, tegenover vreemden iets
wantrouwend. Onomkoopbare waker, opgewekt en leergierig.
Activiteit:
·De Entlebucher Sennenhond heeft redelijk veel beweging
nodig.
Verschijning:
·Algemeen: De Entlebucher
Sennenhond is een middelgrote hond, rechthoekig gebouwd. De romp is veel
plomper - tonvormiger - dan die van de Appenzeller Sennenhond. Het lichaam
is vrij lang met diepe en brede borst en een rechte en sterke rug. Benen
zijn tamelijk kort en sterk. Korte en gedrongen hals.
·Kleur: Zwart met rode aftekening aan de wangen, boven
de ogen en aan de vier benen. Witte bles, voeten en staartpunt en wit
borstkruis zijn gewenst. Deze aftekening is kenmerkend voor alle
sennenhonden.
·Hoofd en schedel: Het hoofd heeft
een vlakke schedel met een onbeduidende stop. De voorsnuit is droog en
krachtig. De ogen zijn tamelijk klein en bruin van kleur met levendige
uitdrukking. Oren zijn hangend met onder een ronding. Schaargebit. Het hoofd
oogt van voren of van boven af gezien minder driehoekig dan dat van de
Appenzeller Sennenhond.
·Staart: Aangeboren
kort,
lang of
halfkort.
Er wordt gestreefd naar een zwevende of hangende
staart (geldig sinds de inwerkingtreding van het coupeerverbod), of
aangeboren korte stompe staart. Natuurlijke en stompe staart zijn
gelijkwaardig.
· Voeten: Kort, gesloten
en rond.
·
Beharing: Kort, hard, dicht en glanzend.
Aard van het
haar: Stokhaar.
Dekhaar
kort, stevig aanliggend, hard en glanzend. Dichte onderwol.
Kleur
van het haar en aftekening: Typische driekleur. De hoofdkleur is zwart
met zo symmetrisch mogelijke geel- tot roestbruinen en witte aftekeningen.
De geel- tot roestbruine aftekeningen bevinden zich boven de ogen, aan de
bakken, aan de snuit en de keel, aan de zijkanten van de borst en de vier
poten.
Bij deze
laatste ligt het geel- tot roestbruin tussen het zwart en het wit.
Witte
aftekeningen; Goed zichtbare smalle witte bles die van de bovenschedel
zonder onderbreking doorloopt over de neusrug en die de snuit geheel of
gedeeltelijk kan omvatten. Wit vanaf de kin over de keel, zonder
onderbreking tot aan de borst.
Wit aan
alle vier de poten. Ongewenst, echter getolereerd: kleine witte nekvlek
(niet groter dan ongeveer een halve handpalm).
· Schofthoogte:
Reu: 44-50 cm, getolereerd tot 52 cm.
Teef: 42-48 cm, getolereerd tot 48 cm.
·
Belangrijke verhoudingen:
Schofthoogte : Romplengte = 8 : 10
Snuitlengte : Hersenschedellengte = 9 :
10
Aard:
Rustig Schrander Vriendelijk
Betrouwbaar Waakzaam
Leergierig
Beweeglijk Gereserveerd
tegenover vreemden
Zeer gericht op
eigen gezin Een
uiterst prettig gezinslid Zeer
aanhankelijk aan de baas
STAMBOMEN
Stambomen die door de Raad van Beheer afgegeven worden geven het bewijs van
raszuivere afstamming, waarmee bedoeld wordt dat de betreffend hond al een
aantal generaties raszuiver gefokt is.